Reglement van orde : invoering 'boete'

2 antwoorden [Laatste bericht]
Tomopom
Offline
Hoi,

Er staat een een agendapunt op de dagorde waarin gesteld wordt het reglement van (inwendige) orde te wijzigen.
Het gaat over het invoeren van een vergoeding ( zeg maar gelijk boete ) van € 50 voor iedere inbreuk op de regels van het huisvuilkot.

Voor zover mij bekend is is een reglement van inwendige orde of huishoudelijk reglement een onderhandse akte die met 50% +1 kan gestemd worden.
Echter het invoeren van een boete lijkt me dan weer een zakenrechtelijke iets tussen de mede-eigenaars en eerder domein van het reglement van mede-eigendom.
Dat zou dan inhouden dat het bij authentieke akte moet verleden worden.
En dat lijkt me dan weer met 4/5 te moeten gebeuren.
Klopt dit ?

Verder is het wel zo dat de wetgever er blijkbaar wel van uitgaat dat iedereen ( dus ook huurders ed ) onderhevig moet zijn aan de statuten ( in het bijzonder dat huishoudelijk reglement ) zowel mede-eigenaars als huurders vandaar de artikels 577-6 §4 leden 4 t.e.m 5 waar zij voorziet in een aantal verplichtingen van de verhuurder ( mede-eigenaar )
Het probleem of een VME dat ook tegenstelbaar zou kunnen maken tov huurders blijft mijn inziens en men tracht het op te vangen door het verplicht op te nemen in het verhuurcontract

Vraag is nu wat gebeurd er nu precies indien een huurder dan in de fout zou gaan ?
Dient hij/zij die boete dan te betalen ?
Of is het de verhuurder die dat betaalt en later weer moet terugvorderen van de huurder wegens het zich niet houden aan het huurcontract ?
Maar in dat laatste geval heeft de verhuurder geen inbreuk gepleegd als hij dat reglement daadwerkelijk heeft kenbaar gemaakt aan de huurder.







Van Wynsberghe Jan
Offline
Het invorderen van een boete
Het invorderen van een boete is de laatste stap van een procedure die gevolgd kan worden om de bewoners het reglement van in wendige orde te doen naleven.

1. De overtreder met een gewone brief wijzen op zijn plichten.
2. Blijft hij volhouden dan aangetekend in gebreke stellen.
3. Een boete opleggen nadat de overtreding werd vastgesteld door de syndicus en getuigen eventueel RVM.

Het opleggen van een privaatrechterlijke boete kan mits een 3/4 meerderheid. Dit moet opgenomen worden in de onderhandse akte van het reglement van inwendige orde. De boete zelf zal aangerekend worden aan de eigenaar verhuurder want de syndicus heeft geen juridische band met de huurder.

Vergeet niet dat de VME instaat voor het beheer van de algemene delen. De betrokken eigenaar is als lid van de VME wel verantwoordelijk voor het gedrag van zijn huurder tegenover de andere leden.
deskundige
Offline
Beste, Ik volg uw visie. Een
Beste,

Ik volg uw visie.

Een reglement van (inwendige) orde dient ondergeschikt te zijn aan het reglement van mede-eigendom en mag niet gebruikt/misbruikt worden om bepalingen die i.c. in het reglement van mede-eigendom thuishoren in op te nemen.

Het dient m.a.w. van lager allooi te zijn en kan enkel en alleen op bepaalde vlakken een aanvulling van de statuten betekenen.

In uw aangehaalde issue lijkt het me zo dat het invoeren van de boete een wijziging van de gemeenschappeljke lasten en kosten betreft waarvoor m.i. idd. een 4/5de meerderheid nodig is en waarbij het dagordepunt, om het tegenstelbaar te maken aan derden, tevens het voorwerp van een wijzigende akte dient uit te maken.

Inzake verwijs ik naar mijn boek " 55 vragen en antwoorden voor de syndicus", Kluwer, 2010, waarin een casus wordt behandeld waarbij de AV de kosten voor een 2de vergadering doorrekent aan diegenen die tijdens de eerste vergadering afwezig waren. Principieel is dit een vergelijkbare case als deze. Binnen de rechtspraak en rechtsleer wordt duidelijk gesteld dat het doorrekenen de rechten van de eigenaars miskent en sowieso een wijziging van de lasten en kosten inhoudt waarvoor een statutaire wijziging noodzakelijk is.

Wanneer er tijdens een AV beslist wordt om het reglement van orde aan te passen/te wijzigen/aan te vullen, ik ga er dan vanuit dat het om een onderhands reglement gaat, dan voorziet de wet naar tegenstelbaarheid toe duidelijk dat initiatiefrecht tot deze tegenwerpelijkheid ofwel bij de verlener van het recht dan wel bij de syndicus ligt.

Wanneer een beslissing reeds voorligt voor of op het moment van het verlenen van het recht, dan is het aan de verlener ervan (bijvoorbeeld aan de eigenaar-verhuurder bij huur) om het tegenstelbaar te maken. Wordt de beslissing genomen na het verlenen van het recht, dan is het de wettelijke taak van de syndicus om de beslissing/ het aangepaste reglement via een ter post aangetekende brief tegenstelbaar te maken.

Wat de opname in de verhuurovereenkomst betreft; in de meeste statuten staat te lezen dat bijvoorbeeld bij verhuur, de eigenaar-verhuurder verplicht is om kopie van de statuten bij de huurovereenkomst te voegen.

Juridisch gezien is dit eigenlijk niet nodig aangezien de wet duidelijk stelt dat na overschrijving van een (wijzigende) akte op het bevoegde hypotheekkantoor, de inhoud automatisch tegenwerpelijk is aan derden, dus ook aan huurders. M.a.w. net zoals elke Belg geacht wordt de wet te kennen, wordt elke huurder geacht de inhoud van de statuten te kennen en na te leven.  

Tot slot stel ik mij de vraag op welke basis en hoe naar bewijskracht toe de boete gaat worden afgedwongen. Als "de overtreder" verklaart dat hij de overtreding niet heeft begaan, dan zal de bewijslast bij de AV liggen. Of vanuit de AV telkens "bij vaststelling" een dure procedure gaat worden opgestart is natuurlijk de vraag.

Let, ik ben zeker en vast voorstander van het invoeren van bepaalde sancties tegenover eigenaars en derden die de regels aan hun laars lappen.