Horeca gelijkvloer - wil luchtafvoer naar dak via achtergevel

7 antwoorden [Laatste bericht]
Naj
Offline
Beste

In het verleden was er een winkel op het gelijkvloer.

Deze zaak is recent verkocht en de nieuwe eigenaar wil daar een horecazaak uitbaten.

In de basisakte staat er dat er geen beperkingen zijn in uitbating.  Volgens stedenbouwkunde mag het ook.

Echter, voor de uitbating van zijn horecazaak moet hij wel een afvoerbuis tegen de achtergevel plaatsen tot op het dak voor zijn dampkap.

En daarvoor heeft hij wel toestemming nodig van de VME (3/4) omdat het werken zijn aan gemene delen.

Er kijkt eigenlijk niemand tegen de achtergevel, maar er zijn wel terrassen.  Nu is er wel ruimte om alles tegen de achtergevel te plaatsen, maar er is toch wel vrees voor geur- en geluidsoverlast.

Kan de VME dit tegenhouden en betekent dit d'office dat er dan geen horeca kan komen, gezien de buis er dan niet komt?  Of kan de uitbater hier in beroep tegen gaan en via vrederechter toch eisen dat de buis er moet komen, gezien dit zijn rechten aantast in de uitoefening van zijn rechten?  Het gevolg is namelijk dan dat hij geen horeca mag uitbaten?  Het mag wel van de basisakte en de gemeente, maar de praktische uitvoering kan niet, gezien weigering VME plaatsing buis?

 
nescio1
Offline
samen uit, samen thuis
Zoekmachine +dampkap+grootkeukens leert u dat er terzake gespecialiseerde firma’s zijn.
 
Treed in dialoog met de kandidaat-uitbater betreffende de keuze van het materiaal en leg samen technische details vast als max. aantal dB, regelmaat vervanging geurfilters, etc.
naicwill
Offline
Wat zegt de rechter? In de
Wat zegt de rechter? In de basisakte spreekt men van een winkelruimte. De rechter vindt dat het getuigt van een te enge interpretatie van het begrip winkel(ruimte) om te stellen dat dit zou betekenen dat er geen frituur of horecazaak zou mogen komen. De rechter stelt vervolgens dat de eigenaars gedreven worden door angst voor overlast, zoals lawaai- en geurhinder, en dat de eigenaars trachten om het gelijk aan hun kant te krijgen via een eigengereide interpretatie van het algemeen reglement. De rechtbank besluit dan ook dat bij gebrek aan een uitdrukkelijk verbod in de basisakte of het algemeen reglement om een horecazaak te vestigen op het gelijkvloers, er geen reden is om de vestiging van de horecazaak te weigeren (vredegerecht Diest, 13 november 2006).

lees volledig artikel op indikator

https://www.google.be/search?q=Een+horecazaak+op+het+gelijkvloers%3F&rlz...
 
naicwill
Offline
Wet

Art. 577-9

§ 2 Iedere mede-eigenaar kan aan de rechter vragen een onregelmatige, bedrieglijke of onrechtmatige beslissing van de algemene vergadering te vernietigen of te wijzigen.
Deze vordering moet worden ingesteld binnen een termijn van vier maanden vanaf de datum waarop de algemene vergadering plaatsvond.
Astrid CLABOTS oud
Offline
HORECA - APPARTEMENTSGEBOUW



Geachte

Voor zover de statuten toelaten dat het gebouw een horecazaak huisvest, geldt het volgende.

De uitbater zal hiervoor de nodige vergunningen moeten vragen. Dat kan gaan van uitbatings - tot stedenbouwkundige vergunningen maar hij zal vooral ook over de vereiste milieuvergunning moeten beschikken. Milieu betreft ook geluidshinder, geurhinder, ... Je zou erop kunnen rekenen dat bij het verlenen van dergelijke vergunningen met aspecten uit de omgeving rekening zal worden gehouden.

Bovendien betekent het niet, omdat een horecazaak mag worden gehuisvest, dat dit een vrijbrief inhoudt voor de uitbater. De algemene principes uit het zakenrecht blijven onverkort van toepassing :

-art. 544 B.W. - burenhinder, evenwichts leer
- lichten, zichten, ...

Wat dit laatste betreft, geef ik de voorgaande commentaren gelijk waar zij u aanraden om in open dialoog te treden met de uitbater. Deze laatste heeft er ook niets aan om een zaak te vestigen in een gebouw waar hij nadien voortdurend "heibel" heeft over de werking van zijn horecazaak.

Veel succes !

Astrid CLABOTS
VILLA JURIS ADVOCATEN


 

___________________________________________________
- Antwoord van een Quimmo.be partner
Astrid CLABOTS is advocate (www.clabotsadvocaten.be) met specialisatie in mede-eigendom

zonnebloem
Offline
Handelszaak op gelijkvloers.

Iets analoog :

In onze residentie bestaat er op het gelijkvloers een praktijk waar meerdere kinesiterapeteuten hun praktijk hebben.
In onze Statuten staat er hetvolgende :
Samenstelling gebouw :
Op het gelijkvloers : vier appartemeneten, vijf studio's en een handelsgelijkvoers, ook "bureel " genoemd.
De inkomdeur die het handelspand met de gemeenschappelijke overloop verbindt, de inkom met vestiare, de gang, twee grote handelsruimtes  "bureel " genoemd met mogelijkheid om een rechtreekse uitgang te nemen aan de straatzijde, een berging met boiler en plaats voor een wasmachine en WC.

De vraag die veel mede-eigenaars zich stellen is devolgende :
Doordat er zich een praktijk met meerdere kinesiterapeuten bevindt maken tientallen klienten per dag gebruik van onze gemeenschappelijke inkomdeur en inkomhall.
De rechtstreekse ingang bestaat maar  wordt niet gebruikt.
De vraag is tweeledig :
1.  Kan een praktijk met meerdere kinesisten beschopuwd worden als bureel ?
2.  Heeft deze praktijk geen invloed op de verdeling van de onderhouskosten (poetsen gang en onderhoud ingangsdeur, die regelmatig moet hersteld worden.
Momenteel worden alle onderhoudskosten verdeeld volgens het aantal aandelen.
 

naicwill
Offline
nuttigheidscriterium
De tweede mogelijkheid voor de verdeling van de lasten is het 
nuttigheidscriterium. Dit heeft een subsidiair karakter daar het 
waardecriterium hiërarchisch hoger werd geplaatst door de wet
van 2 juni 2010.
De toepassingen waarvoor het nuttigheidscriterium in de praktijk kan 
gehanteerd worden zijn de volgende:
1.De lasten die verbonden zijn aan het objectief potentieel
gebruik
 van de gemeenschappelijk installaties, vb. de lift. 
Met het objectief potentieel gebruik wordt bedoeld dat
niet het effectieve gebruik in rekening wordt gebracht,
maar dat het potentieel gebruik wel in objectieve zin wordt
getoetst
.
2.Een tweede toepassing zijn de lasten die 
verbonden zijn aan het registreerbaar gebruik van gemeenschappelijke 
installaties vb. verwarming en warm- en koud waterverbruik.
3. Verdere toepassingen zijn lasten verbonden aan exclusieve
gebruiksrechten,lasten verbonden aan het bijzonder gebruik
van deelgebouwen en lasten verbonden aan gerechtskosten
waarbij mede-eigenaars oppositionele belangen hebben.
https://www.law.kuleuven.be/jura/art/48n4/vanhauwere.pdf
naicwill
Offline
nut